Te laat

Mirthe hoort ergens een moeder een schreeuw van frustratie geven. Ze kijkt om zich heen om te zien waar het vandaan kwam. Rechts van haar ziet ze de moeder die kijkt alsof ze haar kind van nog geen jaar oud liever kwijt dan rijk is. De vader die aan tafel zit kijkt wat afwezig. Met één blik heeft Mirthe al in de gaten dat de moeder op instorten staat. Hier, midden in het vakantiepark waar ze zijn om waarschijnlijk als gezin even samen iets leuks te ondernemen, daar staat de vrouw juist op instorten. Mirthe vindt het heel vervelend en vraagt zich af waarom ze hier getuigen van mag zijn. Lees meer

Ruzie

Ik hoor de stemverheffing. Ik hoor de onmacht. Ik hoor de frustratie. Ik hoor het verdriet. Ik hoor de woede. Ik hou mijn adem in. Ik vind het vreselijk als mensen schreeuwen tegen elkaar. Als ik merk dat dat de enige uitweg is om iets kenbaar te maken.

Alleen komen die woorden niet aan bij de ander. Het land niet. Op dat punt is het al te laat. Als er frustrerende onmacht is dan zijn bij beide parten blinde vlekken voor de ogen. Er wordt niks bereikt met die onmacht want dat is het topje van de ijsberg en er zit zoveel onder verstopt. Wat onder dat topje zit is nooit kenbaar gemaakt, is nooit gevoeld, altijd maar verstopt en dan barst de bom. De vulkaan barst uit. Lees meer

Afwijzing

Opeens had ik een gillend, boos en gefrustreerd kind voor mij staan. Hij kwam heel rustig uit school. We lachte, we praatte, we keken naar de hakselaar en de tractors. We kwamen thuis en opeens stond hij daar. Boos omdat de boer al bijna klaar was en hij niet langer had mogen kijken. Gefrustreerd dat hij naar mij moest luisteren. Hij wilde niet eerst eten en dan gaan kijken, hij wilde eerst weer gaan kijken.

Ik probeerde rustig te blijven, wat vaak een hele uitdaging is. Toch merkte ik dat er iets anders achter dit gedrag lag. “Vindt je het niet fijn dat er niemand was om mee af te spreken” vroeg ik. Toen kwamen bij hem de tranen en liep hij huilend naar zijn kamer. Ik had de angel  in de wond te pakken.

Die ochtend had ik gezegd dat hij kon afspreken, net als de dag ervoor. Ik had vrij. Toen hij uit school kwam en ik vroeg of hij had afgesproken kwam het erop neer dat niemand kon. Iedereen had al afgesproken of kon niet i.v.m. sport of BSO. Ik gaf hem als tip dat hij dan misschien ook beter gelijk in de ochtend af kon spreken want dan had hij de meeste “kans”. Dat mocht echter niet volgens hem. Als je eenmaal in de klas bent moet je gaan zitten en blijven zitten. Voor mijn gevoel was dit zijn houvast voor hemzelf om goed te praten waarom het niet was gelukt om af te spreken.

Mijn zoontje is van de eerlijkheid, lief zijn en alles wat mooi is. Hij is rustig en kijkt altijd eerst de kat uit de boom. Hij heeft vriendjes, maar is niet zomaar met iedereen bevriend. Omdat ik er best mee bezig ben dat hij mag afspreken, en hij nu niemand had die met hem wilde spelen voelde hij zich afgewezen.

Vanmorgen wilde ik hem nog helpen en vroeg ik aan een goed vriendje of hij kon afspreken. Gelijk kreeg ik het antwoord dat hij al had afgesproken (nog voor hij de school in was). Toen voelde ik dezelfde angel in mijn wond. Zelfs zijn beste vriendje kon niet afspreken en dat stak mij heel erg. Even ging ik weer terug in mijn eigen kindertijd door in de huid van mijn zoontje te kruipen. Even voelde ik de afwijzingen in mijn kinderjaren. Tevens voel ik mij ook nog niet echt “opgenomen” in het dorp waar ik nog niet zo lang woon. Ook dat heeft ermee te maken.

Gelijk vond ik het bijzonder dat ik deze pijn nu mag ervaren door het te zien bij mijn zoontje. Het is dus tijd om dit te doorvoelen en niet meer weg te stoppen.

Ik heb besloten om niet meer te zeggen dat hij kan afspreken. Ik heb besloten om niet meer te vragen of hij met iemand heeft afgesproken. Ik ga hem geen tips meer geven, want als het dan nog niet lukt dan voelt de afwijzing des te zwaarder. Hij is nu eenmaal rustig en kijkt eerst de kat uit de boom. Het zal vanzelf weer makkelijker gaan.

Iris

Van verstand naar gevoel

Verandering in gevoel

Ik ben altijd iemand geweest die “anders” was. Ik deed wat ik wilde, ook al waren veel mensen er tegen. Ik ging mijn eigen weg. Ik leefde mijn eigen leven. Het was niet standaard. Ik heb het geprobeerd hoor. Ik begon al heel vroeg aan een “vaste” relatie. Met huisje en beestjes en aller erop en eraan. Dat werd me echter even goed duidelijk gemaakt dat dat niet voor mij was. Maar ik luisterde niet.

Ik heb gezworven. Ik heb me overal aan proberen vast te klampen. Alles om maar dat “normale” leven te krijgen. Het lukt me alleen niet zo goed. Tja, dan maar niet dacht ik dan. Ik had geen vent nodig riep ik dan weer hoog van de daken. En vast werk was ook niet voor mij weggelegd. Ik wist eigenlijk nooit wat ik echt leuk vond om te doen. Ik vond heel veel leuk, daar niet van. Daarom heb ik ook al van alles gedaan en toen ik uiteindelijk een vast contract kreeg, toen zwaaide ik zelf gedag. Gewoon omdat het niet meer goed voelde daar. En weer zat iedereen op mijn nek.
lees meer